“Er is zoveel in beweging gezet. Nu moeten we vooral versnellen.”
Tobias Leenaert is zonder twijfel de bekendste vegan van ons land. De oprichter van onze organisatie is niet alleen een dierenrechtenactivist, maar ook een getalenteerd strateeg, schrijver en verteller. Zijn boek ‘Naar een Vegan Wereld’ is verkrijgbaar in veertien talen en wordt over de hele wereld gelezen. Zonder hem, geen EVA vzw, geen Donderdag Veggiedag, geen ProVeg International. “Het is een eer om met zoveel fantastische mensen aan een meer plantaardige wereld te werken.”

Tobias, jij stampte 25 jaar geleden met enkele vrienden EVA (Ethisch Vegetarisch Alternatief) uit de grond. Vandaag kun je alleen maar trots zijn op wat het is geworden: ProVeg Internationaal, een organisatie die actief is in meer dan vijftien landen. Wat doet deze mijlpaal met jou?
“Ik heb er nog niet echt bij stil gestaan. Het is allemaal zo klein en onzeker begonnen. De jaren zijn voorbij gevlogen. Ik besef dat we al een hele weg hebben afgelegd en dat ik ouder begin te worden. Ik voel me niet veel ouder dan in het begin, maar als ik tegenwoordig op conferenties om me heen kijk, besef ik plots wel dat ik de oudste in de zaal ben. Maar ik ben gelukkig nog lang niet uitverteld of moegestreden.”
Wat blijft je het meest bij uit die eerste tropenjaren?
“We werkten in het begin vanuit mijn woonkamer, omdat we nog geen kantoor konden betalen. De meest stresserende opdracht was om vier keer per jaar ons magazine geschreven, gelayout, gedrukt en tot bij de leden krijgen. Daarvoor zat ik dan met Jef, die vanalles deed en onder meer ook de layout, tot een kot in de nacht te werken en lag mijn huis vol enveloppen en adressenlijsten. Het was een grote uitdaging om dat alleen maar met vrijwilligers gedaan te krijgen.”
Hoe begin je vanuit een woonkamer in Gent aan zo’n gigantische uitdaging?
“Op de unief van Gent was er een Actiegroep Dieren Bevrijding, waar ik fantastische bondgenoten heb ontmoet. We kregen budget om de eerste VeGENTtarische Gids – een dikke brochure met uitleg over plantaardig eten en een lijst van eetplekken in Gent – te maken en te verspreiden onder de studenten. Dankzij zes maanden vrijwilligerswerkin de VS had ik allerlei plantaardige acties en campagnes leren kennen van andere dierenrechtenorganisaties, zoiets wou ik ook bij ons. In België hadden we al Gaia die op de barricades stond voor de dieren, maar nog geen plantaardige beweging. Er was alleen de Vegetariërsvereniging, maar die waren hun werking aan het uitdoven. Ze gaven met veel plezier de fakkel door aan ons. Ze hebben ons hun kopieermachine, een 200-tal leden en de licentie voor het V-Label cadeau gedaan. Daarmee konden wij aan de slag.”
Durfde je toen al te dromen dat het zo groot ging worden?
“Op een paar jaar tijd groeiden we van tweehonderd naar een paar duizend leden. De droom was om een ‘Greenpeace voor het Veganisme’ op te richten. Dat is ons met ProVeg International wel gelukt. Over het V-Label zei voorzitter Dolf bij de overdracht tegen ons dat het een miljoenenzaak kon worden. Dat leek ons toen erg onwaarschijnlijk, maar hij heeft gelijk gekregen. Het certificaat zorgt nog steeds voor een belangrijk deel van de werkingsmiddelen.”
Wat zijn volgens jou de belangrijkste kantelpunten geweest?
“In 2005 kregen we voor het eerst Vlaamse subsidies voor een periode van vijf jaar, waarmee we onze werking écht konden professionaliseren. Twee jaar later hebben we beslist om onze boodschap toegankelijker te maken. In plaats van mensen aan te sporen om veganist te worden, riepen we hen op om mee te doen met Donderdag Veggiedag. Dankzij de steun van Alpro en een pionier als Stad Gent, werd die laagdrempelige campagne een groot succes. Het belangrijkste scharniermoment van de afgelopen jaren is natuurlijk de beslissing geweest om aan te sluiten bij ProVeg International.”

“De droom was om een ‘Greenpeace voor het Veganisme’ op te richten. Dat is ons met ProVeg International wel gelukt.”
Wat waren nog andere mooie momenten?
“De deuren openzwaaien van onze allereerste kantoor. De V-Days en vele etentjes die we hebben georganiseerd. Ook het bezoek van Rajendra Pachauri, Nobelprijswinnaar voor de Vrede en voorzitter van het IPCC in 2008 zal me altijd bijblijven. ‘Less meat, less heat’, was de titel van zijn lezing, voor een vol auditorium E op de Blandijnberg. Hij gaf ook een 7-tal grote interviews aan Belgische journalisten. Plantaardige voeding had nog nooit zoveel positieve persaandacht gekregen. Het gaf een enorme boost aan onze naamsbekendheid en werking.”
We vieren dit jaar vooral onze overwinningen en successen, maar waren er ook dieptepunten?
“In 2014 was ik opgebrand en ben ik een tijdje gestopt met werken. Ik was nog altijd even gemotiveerd, maar ik worstelde met een burn-out. Ik heb toen ingezien dat mijn talent niet ligt in het managen van een steeds groter wordend team, maar in het inspireren en enthousiasmeren van activisten, beleidsmakers en ondernemers. Ik reis nog steeds de wereld rond om lezingen en advies te geven. Daar ligt misschien meer mijn sterkte en ik voel me vereerd dat ik op deze manier mijn levenswerk kan verderzetten.”

Wat wens je ProVeg nog toe?
“Onze grootste verwezenlijking is natuurlijk de groei van het plantaardig aanbod. Retailers, cateringbedrijven en grote voedingsproducenten hebben interesse, dat is een enorm verschil met 25 jaar geleden. Toch had ik gehoopt om al verder te staan. Gedragsverandering is een traag proces. Ik droom nu dus vooral van verdere schaalvergroting en versnelling. Een magische ‘silver bullet’ is er niet. We moeten verschillende zaken blijven proberen om de weerstand te verkleinen. Ik wens ons vooral stabiele groei toe, veel supporters en creativiteit en een minder gepolariseerd debat.”
